Tuin in de stad Parijs

Ook in Parijs is het lente. De stad kleurt geraniumrood en klimopgroen, comme c’est joli! Ik deel graag een paar groene foto’s van mijn blitzbezoek aan de Lichtstad…

De indrukwekkende geveltuin van musée du quai Branly

De indrukwekkende geveltuin van musée du quai Branly

Mocht je van plan zijn om binnenkort een selfie te gaan nemen aan de Eiffeltoren, raad ik je aan om daarna even de hoek om te lopen naar het musée du quai Branly. Dit etnografische museum heeft niet alleen een gigantische (18.000m²!) – en dankzij enorme glazen wanden – verrassend stille tuin, ook de geveltuin is absoluut de moeite.

Een muur van 200 meter lang en 12 meter hoog (volgens Wikipedia) is bedekt met planten, zoals hosta’s, campanula en varens.

Musée du quai Branly

Musée du quai Branly

Een andere tip is de Promenade Plantée, soms ook Coulée Verte genoemd. Dit is een verhoogd park dat aangelegd werd in 1994 op een verlaten negentiende-eeuws spoorwegviaduct. Parijs was daarmee de eerste stad die een verhoogde spoorweg omvormde tot park.

La Promenade Plantée

La Promenade Plantée

Een deel van het traject loopt ongeveer ter hoogte van de derde verdieping doorheen het 12e arrondissement. Er is ook een lager gelegen gedeelte dat tussen huizenblokken klieft.

La promenade plantée

La promenade plantée

Het park loopt nu van de Bastille Opera tot aan de oostgrens en is net geen 5 kilometer lang. Zeker op een zonnige lentedag is dit een fijne wandeling voor veel Parijzenaars en toeristen.

Rozen in la Promenade Plantée

Rozen in la Promenade Plantée

Bordje bij een geveltuin van een restaurant.

Hier tuiniert men!

Boekrecensie Farming the city

Stadslandbouw is hip. Dat is ook CITIES niet ontgaan, een Amsterdamse onderzoeksorganisatie die zich specialiseert in stadsontwikkeling. In hun Engelstalige publicatie Farming the city bundelden ze 35 initiatieven rond stadslandbouw in Noord-Amerika, Europa, China en Japan en 14 essays over de rol van stadslandbouw in stedelijke ontwikkeling, afgewisseld met mooie foto’s van stadslandbouwprojecten.

De ondertitel Food as a tool for today’s urbanisation windt er geen doekjes om: de initiatiefnemers hopen met het boek de ontwikkeling van stadslandbouw verder te stimuleren. Verwacht geen moestuintips, Farming the city is vooral een inspiratiebron voor beleidsmakers en actoren die hun initiatieven rond stadslandbouw willen laten slagen.

farming the cityOm stadslandbouw te verankeren, onderscheidt Farming the city drie stappen. Stap een gaat over hoe men voedselproductie in de stad op de politieke agenda kan krijgen. Kevin Morgan, een Britse professor voor Beleid en Ontwikkeling aan de Cardiff Universiteit, formuleert enkele bedenkingen. Zo vindt hij de beweging te lokaal en gefragmenteerd om door te wegen op het nationale beleid en pleit hij voor het verenigen van kleine initiatieven. Ik denk dan spontaan aan de Transitiebeweging die hier een antwoord op probeert te vinden.

De tweede stap is het zoeken naar een economische onderbouwing. Om stadslandbouw echt levensvatbaar – lees rendabel – te maken, zijn economische modellen nodig. Derek Denckla, oprichter van FarmCityFund, geeft het voorbeeld van New York waar stadslandbouw aan terrein won door de crisis in de jaren zeventig. Toen eind jaren tachtig de economie weer op gang kwam, kwamen veel initiatieven onder druk te staan door projectontwikkelaars.

Om stadslandbouw te laten slagen, moet men naar het bredere plaatje kijken. Stadslandbouw zal door zijn arbeidsintensieve natuur en beperkte ruimte nooit zo rendabel zijn als een traditioneel landbouwbedrijf. Toch heeft het veel andere troeven, zoals bijdragen aan de biodiversiteit, sociale cohesie en bevolkingsgezondheid in de stad.

Stap drie buigt zich over het maatschappelijk draagvlak voor stadslandbouw. Op dit moment is stadslandbouw vooral een zaak van artiesten, activisten en de middenklasse die hiermee een leuke hobby heeft gevonden, terwijl vooral armere buurten veel te winnen hebben bij een betere sociale cohesie en aanbod aan gezondere voeding.

Uit het voorbeeld van URBANIAHOEVE blijkt dat dit soort initiatieven niet altijd positief onthaald wordt bij gezinnen die onderaan de inkomensschaal bungelen. Hoopvol is wel dat mensen de voordelen inzien nadat de projecten hun eerste successen – anders gezegd: oogsten – hebben geboekt.

Ten slotte bundelt het boek 35 stadslandbouwinitiatieven uit de Westerse wereld. Elk initiatief krijgt een of meerdere labels opgeplakt die iets zeggen over hun impact op hun omgeving wat betreft sociale cohesie, lokale economie, educatie, milieu, gezondheid, infrastructuur en leefbaarheid. De voorbeelden gaan van bijenkasten in Stockholm, kippenrennen in New York, commerciële daktuinen in Haarlem en Hong Kong tot cateraars in Berlijn. Onze noorderburen zijn goed bezig met maar liefst 9 voorbeelden van de 35. Geen enkel Belgisch initiatief haalt het boek. Tijd voor een inhaalbeweging?

Toch is het nog afwachten of deze initiatieven meer zijn dan de laatste modegrill. Het pleit in ieder geval voor CITIES dat ze de vinger aan de pols houden met deze relevante publicatie die een zowel realistische als idealistische blik werpt op het fenomeen stadslandbouw.

Ecotuindagen

Dit weekend vinden de Ecotuindagen van Velt plaats. Maar liefst 200 ecologische tuinen openen dan hun deuren. Het is zeker de moeite om in de lijst van deelnemende tuiniers te kijken of er iets in de buurt te zien is. Ook tuinblogger Fruitberg doet mee.

Ook een aantal Antwerpse stads- en samentuinen doen mee. Een paar interessante tuinen op een rijtje:

  • Bretelwei in Borgerhout. Een samentuin in samenwerking met een Marokkaanse vereniging (Nibras) en een afdeling van de school SL Marco Polo. Ik kom er regelmatig voorbij en kijk er dan ook naar uit om deze samentuin te bezoeken. Te bezoeken op zondag 1 juni 2014 van 13-18 u.
  • Silsburg in Deurne. Deze samentuin van Transitie Deurne past permacultuurtechnieken toe en is een halve hectare groot. Te bezoeken op zondag 1 juni 2014 van 14-17 u.
  • Stadstuin in Berchem. Een familie probeert zo veel mogelijk van eigen tuin te leven midden in de stad. Te bezoeken op zondag 1 juni 2014 van 10-18 u.
  • Stadstuin in het centrum van Antwerpen. Een combinatie van een schaduwtuin en een moestuin in potten op het terras. Te bezoeken op zaterdag 31 mei en zondag 1 juni 2014 van 10u tot 12u30 en van 13u30 tot 17u30.

Elke tuin heeft wel iets bijzonders. Hopelijk doe ik dit weekend veel inspiratie op!

Ga jij Velt-tuinen bezoeken dit weekend?

Sierui

Vorig jaar kocht ik op de Swanmarket in Rotterdam drie zakjes bollen. ‘Bollen’ en ‘Rotterdam’ in een zin klinkt behoorlijk fout, maar ik heb het natuurlijk over bloembollen, van drie soorten allium om precies te zijn.

Allium of sierui behoort tot de familie van de ui. Ik had er zelf nog nooit van gehoord voordat ik het op dat marktje tegenkwam. En nu de bolgewassen stilaan in bloei komen, kan ik zeggen: ik ben fan!

Allium purple sensation

Allium aflatunense  ‘Purple sensation’

 Allium aflatunense 'Purple Sensation'

Allium aflatunense ‘Purple Sensation’

De sierui ‘Purple Sensation’ heeft een bolvormig scherm met lilaroze tot paarse kleine bloempjes. Enige minpuntje is dat de bladeren van de plant al beginnen te vergelen voordat de bloem helemaal in bloei staat. Wie zich daaraan stoort (ik niet echt), kan de bloem in een vaas zetten, want deze sierui is een prima snijbloem.

Deze allium wordt ongeveer 80-100 cm hoog en staat het liefst in de zon of halfschaduw. De bollen zouden elk jaar nieuwe bloemen geven, zeker als je ze in de herfst of voorjaar bemest. Koeienmest zou het beste werken of speciale bloemenbollenmest.

allium christophii

allium christophii

allium christophii

allium christophii

allium christophii

allium christophii

allium christophii

allium christophii

allium christophii

allium christophii

De meest gefotografeerde bloem van dit moment is zonder twijfel de Allium Christophii. Ik vind de paarse sterbloemen ronduit spectaculair. De plant is niet alleen door mij geliefd, ook de hommels en bijen zijn er verlekkerd op.

Ook deze soort houdt van zon en halfschaduw en wordt gemiddeld 20-50 cm hoog. Deze bloem is ideaal als snijbloem en zelfs droogbloem. Het bolgewas zaait zichzelf uit, maar het is wel 4 tot 5 jaar wachten op nieuwe bloemen…

Allium giganteum

Allium giganteum

Last but not least is er de sierui ‘Giganteum’. Deze bloem kan maar liefst 180 cm hoog worden! Zo hoog is deze bij ons niet geworden, maar het is wel de hoogste van de drie sieruien. Voorlopig doet hij het prima zonder extra steun.

De bloeiperiode loopt van juni tot juli, dus het is nog even in spanning afwachten hoe de bloem eruit zal zien.

Staat er bij jou al een allium in de tuin? Of zijn deze bolgewassen niet aan jou besteed?

Planten verhuizen

Het schijnt een typische beginnersfout te zijn: je zet enthousiast je bloemenborder vol planten om zo veel mogelijk grond te bedekken. Het jaar erop zijn de planten in grootte verdubbeld en is je border een rommeltje. Zo verliep het toch bij ons.

Gelukkig heb ik een supervriendin met donkergroene vingers die me op een zonnige lentedag uit de nood kwam helpen. Haar tips voor een mooie border:

  • werk met niveaus: zet lage planten vooraan in de border, hoge achteraan. Deze tip werkt in twee richtingen: van het begin van de border tot de omheining en van het begin van je tuin naar het einde van de tuin. Zorg dat de planten in beide gevallen omhoog lopen.
  • Maak eerst een basis met vaste planten, vul daarna de (tijdelijke) gaten op met eenjarige planten
  • Denk niet alleen na over de kleur van de bloemen, maar ook over de kleur van de bloemblaadjes. Sommige soorten groen gaan niet zo mooi samen.
  • Zet planten van dezelfde soort samen in plaats van verspreid over de tuin. Het is mooier om clusters te maken.

Nuttige tips, niet? En dan te bedenken dat ik tegen zowat elke tip gezondigd heb. Het enige waar ik rekening mee gehouden heb bij het aanschaffen van nieuwe plantjes is de kleur: passen ze in mijn paarsblauwe kleurschema?

Mijn redder in nood.

Mijn redder in nood.

Maar geen man overboord. Planten zijn niet in beton gegoten en – als je het voorzichtig aanpakt – eenvoudig te verplanten:

  • Graaf een kuil op de plaats waar je de plant wil.
  • Vul de kuil met water. Hierdoor kunnen de wortels van de plant zich straks beter hechten en komt er geen lucht tussen.
  • Graaf je plant voorzichtig uit
  • Plaats de plant in de kuil en gooi het gat dicht
  • Begiet de plant met water

In een mum van tijd kregen de sedum, campanula, vinca minor, blauwe druifjes en aardbeienplantjes (en nog een paar planten waarvan ik de naam alweer vergeten ben) een nieuwe plek in onze tuin.

Blauwe druifjes

Blauwe druifjes

Een dikke twee weken later kan ik zeggen dat de planten hun verhuis overleefd hebben. De campanula doet het zelfs veel beter dan onder de hortensia en staat weer in bloei. Alleen de blauwe druifjes zien er erg triestig uit, maar het is wachten op volgend jaar om te weten of de bollen het overleefd hebben.

Een mooie compostworm, zo maar uit onze tuin!

Een mooie compostworm, zo maar uit onze tuin!

Oh, en als bonus ontdekten we bij het verplanten een paar compostwormen in de tuin! Die heb ik natuurlijk onmiddellijk in onze wormenbak gezet. Ik zal binnenkort nog eens een update geven over de wormenbak, die min of meer op gang begint te komen.

Luis in de dop

Het was zeker geen van de vele redenen waarom we besloten de rozenstruik om te hakken, maar wat was ik achteraf blij om eindelijk verlost te zijn van de bladluizen die zich hardnekkig op de struik verschuilden.

Helaas, net wanneer je denkt dat de plantenspuit met zeepsop verleden tijd is, duikt er weer een nieuw probleem op. Dat kondigde zich zo aan:

Enkele bladeren van de hortensia leken plots nat en kleverig.

Enkele bladeren van de hortensia leken plots nat en kleverig.

Sommige bladeren van de hortensiastruik leken vochtig en plakkerig.

Een snelle blik tussen de stengels van de  plant leverde volgend plaatje op:

De stengels zaten vol zwarte bolletjes.

De stengels zaten vol zwarte bolletjes.

Zwarte verdikkingen op de stengels van de hortensia. Even dacht ik nog dat het vergroeiingen waren op de houterige delen van de plant. Een snelle blik op het www leerde me dat ik met een invasie dopluizen zit.

Dopluizen zijn een soort schildluizen die,what’s in a name, luizen zijn met een hard pantser. Het zijn parasieten die zich te goed doen aan het sap van laat ons zeggen een hortensiastruik en een voor de plant giftige, plakkerige stof achterlaten. Misschien ook een verklaring waarom de planten onder de hortensia het niet echt schitterend doen.

Dopluizen zien eruit als groene – of in dit geval – bruine dopjes en scheiden honingdauw af, een goedje dat gesmaakt wordt door mieren, wespen en zelfs bepaalde bijensoorten. Voor de plant zelf is het minder leuk. Honingdauw verstikt de bladeren van de plant en trekt schimmels aan.

Korte metten dus! Na wat gegoogle startte ik met het handmatig verwijderen van de beestjes. Niet dat ik ze een voor een weg plukte. Omdat de meeste dopluizen zich op de houterige delen van de struik genesteld hadden, was het al behoorlijk effectief om met mijn hand (en tuinhandschoen) over de stengel te wrijven.

Daar is de plantenspuit weer!

Daar is de plantenspuit weer!

Om de resterende populatie aan te pakken, haalde ik mijn plantenspuit weer boven. Met een mengsel van biologisch afbreekbaar afwasmiddel, kookolie en veel water spoot ik alle geïnfecteerde stengels nat. Sommige luizen kon ik wegspuiten, van de andere hoop ik dat het middel zijn werk doet.

Volgende week zal ik dit nog een keer herhalen (en waarschijnlijk de weken erop ook nog), totdat de hortensia bobbelvrij verklaard kan worden.

Iemand al ervaring gehad met dopluizen? (Milieuvriendelijke) tips zijn meer dan welkom.

Geven is het nieuwe nemen

Duurzame tuiniers (in spe) uit Antwerpen en omstreken kunnen volgende week zondag hun hartje ophalen tijdens het allereerste Kringloopfe(e)stival in Antwerpen.

De hele dag door kan je in Park Spoor Noord je tuingerief laten herstellen in het repaircafé, tuindecoratie vlechten of koken met onkruid. Organisator Vlaco sloeg  voor dit evenement de handen in elkaar met auteur Jeroen Olyslaegers, zijn partner Nikkie Van Lierop en hun goede vriendin Patsy Van Der Parre.

Dit trio vormde de laatste maanden de drijvende kracht achter de Geefpleinen die nu overal in het land navolging krijgen. Het concept is simpel: op een Geefplein kan iedereen geven en/of nemen.

Speciaal voor het Kringloopfe(e)stival gaat het Geefplein deze keer natuurlijk. Iedereen kan die dag zaden, stekken, planten, tuingerei,… weggeven of meenemen. Er zal een Geeftafel zijn waar je restjes uit je koelkast, verse groenten en fruit, zelfgemaakte lekkernijen,… kan achterlaten.

Alleen al omwille van het Geefplein is dit festival zeker de moeite van een bezoek waard. Meer informatie vind je op deze websites:

Officiële website van het festival

Facebookpagina van het Kringloopfe(e)stival

Facebookpagina van het Natuurlijk Geefplein

Ik verzamel alvast wat tuinspullen. Misschien tot dan?

Op het eerste gezicht – mei 2014

Elke eerste dag van de maand publiceer ik een foto van onze tuin in de rubriek ‘Op het eerste gezicht’, naar een idee van blogger Anne Tanne.

Onze tuin op 1 mei 2014

Onze tuin op 1 mei 2014

Een heel stuk groener dan begin vorige maand, niet? De klimplanten zijn wakker geschrokken en ook de hortensia doet het heel goed.

Korenbloem

Korenbloem

Overal in de tuin komt de korenbloem in bloei. Ik houd van de delicate bloemblaadjes en de kleurschakeringen, dus zelfs de korenbloem die er niets beter op vond dan zich tussen twee tegels te nestelen, wordt getolereerd.

Sierui of allium.

Sierui of allium met op de achtergrond felicia (blauwe margriet).

Nog een sierui.

Nog een sierui.

De alliumbollen die ik uit Rotterdam meebracht, gaan stilaan open. Ik ben zeer benieuwd, want ik ken de plant niet zo goed. De grote bladeren met lange stengel en dikke knop vind ik alleszins fascinerend…

Dit lange feestweekend ga ik eens nadenken (en hopelijk ook tot actie overgaan) over de standplaats van een aantal planten. Nu sommige planten wat groter zijn dan vorig jaar, vind ik sommige hoekjes wat rommelig. Wordt vervolgd…

Onze tuin zag er zo uit de voorbije april, maart, februari, januari, december, november, oktober, september, augustus en juli.

Nog een fijne Dag van de (tuin)Arbeid gewenst!