Nationale vlindertelling

Morgen gaat het nationaal Vlindertelweekend van start! Hoewel het voor ons een druk weekend wordt (we krijgen bezoek uit Nederland, hoezee!) gaan we toch proberen om minstens een halfuur lang de vlinders in onze tuin te tellen. Hopelijk verbreken we het record van vorig jaar. Toen zagen we maar liefst een (1) vlinder (ahum).

Koolwitje op de Verbena

Koolwitje op de Verbena

Iedereen kan meedoen: of je nu een tuin hebt of een piepklein terras. Een paar tips om vlinders te lokken:

  • Zet geurige kruiden zoals lavendel, tijm, munt en rozemarijn. Deze planten doen het heel goed in potten en passen zelfs op het kleinste balkon.
  • Heb je plaats voor een moestuin, dan doen de bloemen van de framboos, erwten en tuinbonen het goed.
  • In de bloemenborder komen de vlinders vooral langs bij nectarrijke planten zoals kruipend zenegroen,  koninginnekruid en hemelsleutel. Topper in onze tuin blijft IJzerhard (Verbena).
  • Zorg voor een zonnige en beschutte plek in de tuin, vlinders houden niet van wind, wel van warmte.
  • Niet veel plek? Met een bord rottend fruit en een schaal suikerwater kan je ze ook aantrekken.

Je noteert van elke soort het grootste aantal dat je op één moment tegelijkertijd waarneemt. Surf naar www.vlindermee.be voor België en www.vlindermee.nl voor Nederland om je telling door te geven.

De afgelopen dagen kregen we regelmatig bezoek van een (1) koolwitje, hopelijk brengt het morgen zijn vriendjes mee.

Advertenties

Plan(t)trekkerij

Zo, het is hier even stil geweest! De blogstilte was niet echt gepland, maar heel even werden we opgeslorpt door andere bezigheden. En toen ik weer tijd had voor de tuin, regende het alleen maar. Tja.

Ondertussen trokken onze planten hun plan. Zo vonden  sommige – letterlijk – steun bij elkaar tijdens mijn afwezigheid: de olijfkomkommer wierp zich op de lavendel en de bonen grepen naar de Verbena. Zolang het geen verstikkende relatie wordt, sta ik open voor alles.

Samenwerking tussen de Verbena en de boontjes.

De boontjes hebben wel een erg hechte relatie met de Verbena.

De framboos en de Japanse wijnbes probeerden dan weer los te breken. Ik heb de boodschap begrepen, jongens. Het net gaat weg.

Na twee maanden bijna dagelijks frambozen eten, vinden we het ook niet meer erg om de bessen met de merels te delen.

Ontsnappingspoging van de framboos.

Ontsnappingspoging van de framboos.

De aandacht voor de tuin was misschien minimaal de afgelopen tijd, maar als er iets te snoepen viel, waren we erbij!

Links: de eerste kerstomaten, rechts de eerste Japanse wijnbes.

Links de eerste kerstomaten, rechts de eerste Japanse wijnbesjes. Mmm!

Het lief was vooral enthousiast over de Japanse wijnbes. Een smaak zoals hij die nog nooit gegeten had. Voor wie de bes niet kent: het lijkt op een framboos, maar qua textuur ligt het dichter bij de braambes (een beetje plakkerig), qua smaak heeft het iets weg van rode bessen, maar dan zoeter. (Goed, we zijn duidelijk geen voedselrecensenten.) Kort samengevat: erg lekker!

De bes is trouwens niet in de winkel verkrijgbaar, omdat ze niet lang houdbaar is. Maar ken je iemand met zo’n struik, kan je altijd een stekje afluizen (aftroggelen, voor de Nederlanders). De struik vermeerdert zich erg snel!

Geniet nog van de zomer!

Permacultuur op de fiets

Ik zou beter een treinabonnement Antwerpen-Rotterdam nemen. Een paar weken nadat we de stad bezochten voor het evenement Verborgen Tuinen zat ik afgelopen vrijdag alweer in Rotterdam. Deze keer voor een fietstocht langs permacultuurprojecten in de stad…

In Rotterdam gebeurt heel wat rond stadslandbouw en -tuinieren: een paddenstoelenkwekerij in een voormalig tropisch zwembad, een grote moestuin op een dak, projecten met varkens, een stadsboerderij,… Je kan het bijna zo gek niet bedenken en Rotterdam heeft het. Als Antwerpenaar ben ik hier best jaloers op!

Moestuinman Max voor zijn voedselbos in Schiebroek.

Moestuinman Max voor zijn voedselbos in Schiebroek.

Een paar dagen geleden ontdekte ik al fietsend nog meer boeiende stadslandbouwprojecten tijdens de rondleiding van Moestuinman Max. Max is een echte pionier die op verschillende plekken in de stad experimenteert met permacultuur. Voor mij was het een eerste kennismaking met permacultuur en het is me meteen goed bevallen!

Met de fiets trokken we de hele stad door.

Met de fiets trokken we de hele stad door.

Permacultuur is een manier van tuinieren waarbij men rekening houdt met het natuurlijke ecosysteem. Het verschil met biologische landbouw is dat permacultuur vooral werkt met meerjarige planten, het niet aan wisselteelt doet en de bodem amper bewerkt.

Wat ikzelf heel mooi vind, is dat men elke plant respecteert voor zijn functie. Zo wordt er heel anders naar onkruid gekeken: het is nuttig om natuurlijk evenwicht van de bodem te herstellen. Op een arme bodem zie je al snel pioniersplanten als distel en haagwinde. Wanneer deze sterven, geven ze voedingstoffen af aan de bodem. ‘Onkruid’ vertelt je ook hoe het met je bodem staat. Distels komen vooral voor op een harde bodem, brandnetels vertellen je dat je bodem gezond is.

De voedseltuin baseert zich ook op de permacultuur.

De voedseltuin baseert zich ook op de permacultuur.

De bodem is bijna heilig in de permacultuur. Je verstoort de grond zo min mogelijk wat betekent dat je in permacultuurtuinen best netjes op de paden blijft! Een keer per jaar (in de winter) krijgt de bodem vaak een dikke compostlaag. Verder doet men aan mulchen (de grond bedekken met bijvoorbeeld stro of bladafval) om uitdroging van de grond te voorkomen en voeding terug te geven aan de aarde. Onkruid wordt in sommige gevallen wel gewied, maar dan bij voorkeur afgeknipt tot op de grond, zodat de wortels in de aarde blijven en de grond niet omgewoeld wordt. De dode wortels composteren én zorgen voor nieuwe irrigatiekanalen.

Het onkruid staat hoog in dit voedselbos in wording.

Het onkruid staat hoog in dit voedselbos in wording.

Na de fietstoer kijk ik weer heel anders naar mijn tuin:

  • Beter mulchen. Ik moet zeggen dat het de afgelopen weken niet zo goed voelde om onze tuin zo vaak water te geven tijdens de warme (en zelfs een paar bloedhete) dagen. Ik mulch al hier en daar, maar toch ligt er nog wat aarde bloot. Dit kan beter!
  • Klaver laten staan. In onze tuin hebben we erg veel ‘last’ van klaver. Ik leerde dat klaver een heel erg goede plant is die stikstof uit de lucht haalt en via zijn wortels in de bodem brengt. Planten hebben stikstof nodig om te groeien. Op de kale plekken mag deze plant blijven staan.
  • Onkruid anders wieden. Ik vond het erg interessant om te horen dat men in de permacultuur onkruid afknipt en niet uittrekt. Dit ga ik vanaf nu ook proberen.
  • Compost strooien. Deze winter ga ik een dikke laag compost over onze grond doen. Ben benieuwd naar het resultaat volgend seizoen, al onthoud ik ook dat permacultuurtuiniers vooral op lange termijn denken…

Heb jij ervaring met permacultuurtechnieken? Ik denk dat mulchen zo wat de meest ingeburgerde is. Hoe houd jij je bodem gezond?

Sowieso is de permacultuurtoer per fiets een aanrader! Meer info via deze link. Fietsen huren kan je vlakbij het centraal station van Rotterdam.

Wonderlijk wild in de tuin

Natuurpunt en Velt, twee organisaties die zich inzetten voor meer biodiversiteit, lanceerden dit jaar samen de campagne ‘Wonderlijk wild’. Ze selecteerden 11 stappen om van je tuin een plek te maken waar dieren en planten zich thuis voelen.

Ik denk dat onze stadstuin best goed is voor de biodiversiteit, maar hoe scoren we nu echt op de schaal van Wonderlijk wild?

1. Maak een vijvertje.

Daar heb je het al. Geen vijver te bespeuren in onze tuin. Een beetje wegens plaatsgebrek, een beetje omdat ik vrees dat water in de tuin muggen aantrekt. Het eerste argument is niet echt terecht, zo zag ik op Pinterest:

vijverideeAls iemand me kan overtuigen dat het met die muggen ook wel meevalt, zal ik het misschien overwegen.

2. Kweek bessen, groenten of kruiden.

Check, check en check! Wie deze blog kent, weet dat we hier zeker op scoren. Zo staan er op dit moment lavas, mosterdblad, framboos, Japanse wijnbes, rode uien, lycheetomaten en erwten.

3. Plant een boom, struik of klimplant.

Check, check en check! Een tijd geleden hebben we de vreselijke slangenden omgehakt, maar ondertussen staat er weer een boom(pje) in onze tuin: een vijg die we in een pot kweken. Iets compacter en vriendelijker dan die grote prikboom. Daarnaast staat er een mooie hortensiastruik, nog een cadeautje van de vorige eigenaars en hebben we clematis, wilde wingerd en blauwe regen gepland die tegen de muur klimmen.

De bloemen van blauwe regen ruiken echt geweldig.

De bloemen van blauwe regen ruiken echt geweldig.

4. Laat bladeren liggen.

Check! Een onderhoudsvriendelijke tip die ik al jaren toepas. Dode bladeren zijn uiteraard heel goed voor de bodem, maar ook voor de fauna in je tuin. Veel egels zul je bij ons niet zien (of ze moesten plots over muren kunnen klimmen), maar toch is er best veel leven te bespeuren tussen het plantenafval.

5. Composteer je afval.

Check! Onze wormenbak doet het, na een valse start, heel goed.

6. Maak een tipi.

Leuk idee, maar waar in onze tuin zou ik daar nog een plek voor moeten vinden? Of telt de constructie die we voor onze erwten bouwden ook?

Ok, een echte tipi is het niet.

Ok, een echte tipi is het niet.

7. Bouw een thuis voor dieren.

Check! Zoals ongeveer alle tuiniers hebben we ook een insectenhotel. De onze zou hommels, bijen en lieveheersbeestjes moeten aantrekken, al is het voorlopig nog heel rustig in het hotel.

8. Maak een blotevoetenpad.

Wie heeft er een pad nodig als je tuin zo klein is als de onze? Het is ofwel terras ofwel moestuin- en bloemenborder en dus helaas geen plek voor een paadje. Ik loop wel graag met blote voeten op het terras, maar dat zal niet genoeg zijn voor een extra punt.

9. Plant een haag.

Nope, niet bij ons. Als we de betonplaten weghalen die we met de buren delen, zakken onze tuinen in vanwege het grote hoogteverschil. Buiten katten moeten we toch geen grote dieren als egels of kikkers verwachten in deze ommuurde tuinen. Helaas pindakaas!

10. Bloemen, bloemen, bloemen.

Check! We proberen (bijna) het jaar rond bloemen te zien in onze tuin. Het begint meestal met de blauwe druifjes en eindigt met de sedum.

In het najaar bloeit de sedum.

In het najaar bloeit de sedum.

11. Laat van je horen.

Check! Op de Ecotuindagen van Velt heb ik mijn formulier gedeponeerd in de doos, maar je kan het ook online doorsturen.

Score: 7/11

Persoonlijk vind ik de score niet slecht voor een kleine stadstuin. Het kan altijd nog beter. Misschien toch eens nadenken over een vijver(tje).

Hoeveel scoor jij?

Op het eerste gezicht juli 2015

Een nieuwe maand, een nieuwe foto van onze tuin!

Onze tuin op 1 juli 2015

Onze tuin op 1 juli 2015

Zo, wat is juni voorbij gevlogen! Een topmaand, zeker ook wat de tuin betreft. We hebben niet alleen leuke tuinuitstapjes gemaakt (Ecotuindagen van Velt, Verborgen Tuinen in Rotterdam, feest in onze samentuin), maar konden (eindelijk!) ook genieten van al dat lekkers dat in onze tuin groeide.

juni CollageOns geduld werd beloond met deze smaakbommetjes: Parijse wortelen, frambozen, aardbeien, erwten en aardappels.

Het net dat we over de bessenstruiken spanden werkt dus prima. Elke dag kunnen we gemakkelijk een handjevol frambozen oogsten en af en toe wat aardbeien. Op de Japanse wijnbes is het nog wachten. En voorlopig nog geen vogelslachtoffers (hout vasthouden).

campanula

De Verbena en hortensia staan trouwens sinds kort in bloei en de blauwe regen is aan een tweede leven begonnen, dus ook wat kleur betreft, zitten we goed. Zoals gewoonlijk is het vooral de campanula die de show steelt en altijd gonst van de bijtjes.

Ik wens jullie een zonnige en relaxte julimaand!