Lasagne van bloembollen

Een van mijn zussen had vroeger de gewoonte om geld in haar kamer te verstoppen, bijvoorbeeld in een boek. En zoals een eekhoorn die zijn wintervoorraad eikels overal in het bos begraaft, onthield ze niet alle schuilplaatsen. Meer nog, dat was precies het plan! Want zo kon ze zichzelf blij maken wanneer er onverwacht weer een paar Belgische franken (ja, zo oud zijn mijn zussen en ik al) opdoken.

Het planten van bloembollen in het najaar is zo’n beetje hetzelfde principe. Voorjaarsbloeiende bollen, zoals narcissen, blauwe druifjes of tulpen, plant je in de herfst, liefst voordat de eerste vorst komt. Tegen de tijd dat de eerste planten boven komen, weet ik al lang niet meer waar ik wat geplant heb. Altijd een leuke verrassing om te zien waar in februari de eerste bloemen bovenkomen!

Bloembollen planten in volle grond pak ik gewoonlijk als volgt aan: ik strooi een handjevol bollen uit over een hoekje in de tuin. Waar de bollen neervallen, gaan ze in de grond. Zo krijg je natuurlijk uitziende plantenhoekjes.

Deze herfst heb ik me daarnaast ook toegelegd op bloembollasagnes. Klinkt lekker, maar dat is het niet. Het gaat vooral over het principe van de lasagne: laagjes!

Hoe maak je een lasagne van bloembollen?

  • Je kiest 2 of 3 soorten voorjaarsbloeiers die telkens in een andere periode bovenkomen. Vroege voorjaarsbloeiers (februari/maart) zijn bijvoorbeeld sneeuwklokje, krokus of narcis. Bollen die in april bovenkomen zijn bijvoorbeeld hyacinten of blauwe druifjes. In mei kan je dan tulpen verwachten.
  • Je neemt een grote bloempot (vanaf 3,5l is prima) en zorgt voor een goede afwatering door het gat in de bodem te bedekken met potscherven en kleikorrels. Bloembollen hebben een hekel aan natte voeten.
  • Je vult een deel van de pot op met aarde. Dan begin je met de laagjes. De laatbloeiers gaan onderaan. Daarover doe je weer wat aarde en een volgende rij bollen. Dan weer wat aarde en bollen en aarde.

Je kan dit principe natuurlijk ook in volle grond toepassen.

En nu vergeten wat je geplant hebt, om in het voorjaar te genieten van telkens andere bloemen!

Advertenties

Oververhit

Hoe onze tuin eruit ziet na een hittegolf of twee? Ondanks het waterverbod nog verrassend groen. Natuurlijk kan de ene plant iets beter tegen de aanhoudende droogte dan de andere.

En ik prijs me gelukkig dat we onze buik vol konden eten van onze frambozen en Japanse wijnbes voordat de ergste hitte eraan kwam, want van mijn moestuin moet ik dit jaar niets verwachten. Alle hoop is gevestigd op onze vijgenboom.

Onze oververhitte tuin in 5 beelden:

Onze ooievaarsbek (geranium) staat slap, maar is op een paar plekken na nog best groen.

De lavendel in volle grond doet het in tegenstelling tot zijn broertje in een pot heel goed.

Al mijn potplanten zien af van de hitte. Geen verrassing, want aardewerk droogt sowieso al snel uit.

Best groen, toch? Onze blauwe regen en wilde wingerd lijken zich weinig aan te trekken van de waterschaarste.

Nog nooit zo veel vijgen gezien aan onze boom. Nu hoop ik dat ze ook helemaal rijp worden.

Also, hoe zot is het dat ik het in mijn laatste twee blogberichten (uit juni, ja het is hier even stil geweest) over ‘klimaatrobuustheid’ en ‘hittegolven’ en zo heb gehad? De oproep van het Ecohuis kon bijna geen betere timing hebben.

Hoe groen ziet jouw tuin eruit in de hitte? Als een Braziliaans oerwoud of neigt het eerder naar een Mongolische steppe?

Van fabriek tot stadstuin

Tijdens de Ecotuindagen van Velt het afgelopen weekend bezocht ik drie tuinen: een privé tuin, een kruidentuin van een herboriste en een volkstuinencomplex. Het verslag van de kruidentuin en de volkstuinen volgen. Eerst neem ik jullie graag mee naar de tuin van Dirk en zijn familie.

De tuin waar het allemaal begon, ook al kreeg deze doorheen de jaren een metamorfose.

Het bijzondere aan deze tuin is dat het eigenlijk bestaat uit 3 tuinen. Het begon met de tuin die bij hun huis hoorde. Toen kochten ze het vervallen fabrieksgebouw dat aan hun tuin grensde. Achter ‘de groene poort’ zoals het gebouw in de stad bekend stond, werden ooit kleurstoffen voor voeding gemaakt en wereldwijd verkocht.

Een deel van de fabriek moesten ze slopen van de stad. Daar staan nu onder andere deze strelitzia’s (links) en rozenstruiken.

Na 50 jaar leegstand, kocht het gezin het magazijn. Een deel van het gebouw lieten ze staan en doet nu dienst als ‘tuinhuis’ (het grootste dat ik ooit gezien heb), opslagruimte en speelplek voor de kleinkinderen op regenachtige dagen. De rest van het domein werd moes- en siertuin.

En dat doen ze heel goed. Zeker voor iemand die oorspronkelijk zijn gewassen bespoot ‘tegen de beestjes’, zoals hij geleerd had. Alleen moest hij steeds meer spuiten, omdat de beestjes resistent bleken te zijn. Toen zijn zoon Velt, de Vereniging voor Ecologisch Tuinieren, leerde kennen, sprong hij mee op de kar. Zolang zijn zoon de theorie uitpluist, wil Dirk de uitvoering gerust op zich nemen.

Ondertussen is Dirk een Velt’er in hart en nieren.

Om de schade van beestjes binnen de perken te houden, werken ze nu onder andere met barrières, zoals netten rond de bessen, en met brandnetelgier (een aftreksel van brandnetels) dat bladluizen verjaagt. Amstel blijkt proefondervindelijk het beste bier te zijn om in de slakkenval te gebruiken.

In het derde deel van de tuin staat onder andere een serre met tomatenplanten. Tip: zet de ramenhendels aan de buitenkant!

Maar de beestjes worden ook omarmd. In sommige hoekjes in de tuin liggen composthoopjes die nuttige dieren aantrekken die voor een gezonde bodem zorgen. Slakkenschade aan bepaalde planten wordt oogluikend toegestaan, zolang de planten er niet te hard onder lijden.

Ook 2 konijnen en 2 kippen hebben een plekje in de tuin.

En doet een plant het niet goed, geeft Dirk hem niet meteen op, maar zoekt hij een betere plek in de tuin. Zo heeft hij al veel planten zien herleven.

Ook slim gezien: bij de aanleg van de tuinen werden 3 grote ondergrondse regenputten gebouwd. Zo moeten ze nooit beroep doen op regenwater, zelfs niet bij de aanhoudende droogte van een aantal jaar geleden.

Het is een beetje apart, zo’n tuin in 3 delen, maar dat maakt dat er veel leuke hoekjes zijn en altijd wat nieuws om naar te kijken.

Onze stadstuin in 5 beelden – juni 2018

Japanse wijnbes: een prikplant maar zo’n lekkere besjes!

Binnenkort kunnen we ons weer beu eten aan frambozen.

De campanula kan het dit jaar bijzonder goed vinden met de sedum. #plantenliefde

De vroege aardappels gaan goed in deze zakken! Ik schreef er een aantal jaar geleden al eens deze diy over.

Een wild hoekje met onder andere korenbloem, lavendel en citroenmelisse.

Meer foto’s zien? Op Instagram plaats ik bijna dagelijks groene foto’s van onze tuin en ver daarbuiten.

Ecotuindagen 2018

Naar jaarlijkse traditie ga ik het eerste weekend van juni weer rondneuzen in enkele stadstuinen. ‘Inspiratie opdoen’ zoals dat in de boekskes heet, maar eigenlijk komt het neer op mij schaamteloos vergapen aan weelderige bloemenborders en ecologische moestuintips ontfutselen van ervaren tuiniers.

Uit de lijst van deelnemende tuiniers – meer dan 250 tuinen doen dit jaar mee, een record – maakte ik alvast een shortlist:

  • Je kan zondag 3 juni tussen 10 en 16 uur een fietslus volgen langs 5 samentuinen in Deurne. De route haal je af in een van de deelnemende samentuinen, bijvoorbeeld Drakenhof (Grensstraat ingang tegenover Mortselsesteenweg 48). Meer details.
  • De geweldig gezellige en kindvriendelijke bostuin uit Sint-Niklaas doet dit jaar ook weer mee. Meer details.
  • De onder tuinbloggers beroemde Fruitberg is ook van de partij. Meer details.
  • Opvallend hoeveel Nederlandse tuinen er dit jaar mee doen. In Amsterdam bijvoorbeeld of Den Haag.
  • In Lier kan je naar een zelfplukbloemenweide.
  • In Vilvoorde ligt er een medicinale kruidtuin die volgens de permacultuurprincipes groeit.
  • Kinderen gaan volgens mij veel plezier hebben op deze plek in Mechelen, met blotevoetenpad en kinderanimatie.

Dit zijn alvast meer tuinen dan ik zelf zal kunnen bezoeken, helaas.

Stel zelf je lijstje samen via de lijst van deelnemende tuiniers op de website van Velt. Veel plezier!

 

Maak kans op een voortuin make-over

De voortuin wordt in veel gevallen stiefmoederlijk behandeld (als in: de stiefmoeder van Sneeuwwitje, niet als in: de hippe plusmama’s van vandaag!). Men zet er een paar stekelige struiken of betegeld alles, al dan niet versierd met een kabouter achter een kruiwagen of een karrenwiel. Terwijl een voortuin zo veel meer kan zijn!

Het zou bijvoorbeeld een speelplek kunnen zijn voor kinderen. Daarom is Kind & Samenleving op zoek naar een enthousiaste groep jonge gezinnen voor een voortuin make-over. Woon je in Stad Antwerpen, regio Mechelen of de Provincie Vlaams-Brabant, waag dan je kans!

voortuin

Het mag wel iets creatiever dan een trampoline zijn.

Stel je samen met minstens 2 andere (jonge) gezinnen uit de straat kandidaat voor 1 mei 2018. Kind & Samenleving kiest in totaal 2 bewonersgroepen om mee aan de slag te gaan. Ze organiseren 3 workshops waar ook de kinderen de handen uit de mouwen kunnen steken. Daarbovenop krijgt het project een startbudget van 800 euro.

Klik hier voor meer informatie en om je in te schrijven. Wat jammer dat wij zelf geen voortuin hebben…

Lenteklaar!

Tjonge jonge, dit was een lange winter. Lang en vermoeiend. Maar nu de zon wat vaker schijnt, kriebelt het om de handen weer in de potgrond te steken.

Afgelopen week ben ik eindelijk begonnen met het ‘lenteklaar’ maken van de tuin. Hier betekent dat de dode takken en bladeren verwijderen, de bloempotten leegmaken, poetsen en opnieuw vullen met verse aarde en als het even kan ook al wat plantjes.

tulp

De tulipa turkestanica fleurt onze tuin al een beetje op

Het is niet uit luiheid dat onze stadstuin gedurende de hele winter eruitziet als een plantenkerkhof (ok, misschien een beetje). De kleine beestjes, zoals pissebedden en oorwormen, zijn erg blij met zo’n verwaarloosde tuin en overwinteren tussen de halfvergane stengels en bladeren. Grotere beestjes, zoals merels en meesjes, zijn dan weer blij dat ze bij ons ook in de winter lekkere tussendoortjes vinden.

Natuurlijk vinden slakken zo’n rommelige tuin ook geweldig interessant. In de winter stoort het me niet dat ze in onze tuin ronddolen, maar vanaf we aan het moestuinseizoen beginnen, schiet ik in actie. Ik merkte dat er dit jaar weer meer huisjesslakken zijn dan naaktslakken. Dat is op zich al positief, want naaktslakken zijn echt verschrikkelijke slokoppen.

slak

Veel huisslakken blijken leeg te zijn. Bedankt, merels!

Omdat slakken in april eitjes leggen, is het eigenlijk nu het moment om ze aan te pakken. Ik strooi daarom rond deze periode altijd wat Escar-Go, biologische slakkenkorrels die niet schadelijk zijn voor andere dieren en planten. Verder werk ik met natuurlijke barrières (gruis van eierschalen bijvoorbeeld) en door voor planten te kiezen die slakken niet lusten (leve de tuingeraniums!). Meer slakkentips staan trouwens in deze blogpost.

Ik wens je veel tuinplezier dit jaar!

Pompoenen oogsten

Naar jaarlijkse traditie neemt een plant onze stadstuin in het najaar helemaal over. Het eerste jaar was dat de Oost-Indische kers. Vorig jaar ging de courgette uit de bol. Dit jaar verkende de flespompoen alle hoeken van onze tuin.

De pompoen klom zelfs in de vlinderstruik van de buurman, oeps!

Slechte punten als tuinier, want van een butternut hoor je de zijscheuten weg te snoeien om er maar 2 à 3 over te houden. Door regelmatig te snoeien, stroomt alle energie naar de vruchten van de plant. Maar ach, gisteren kon ik toch deze twee mooie pompoenen oogsten. Nog net op tijd, want ze voorspellen binnenkort nachtvorst en daar houdt deze plant niet van.

De butternut oogst je best tussen eind augustus en begin september, maar ik had de onze nogal laat gezaaid en door het warme najaarsweer heb ik hem nog wat extra tijd gegeven om de vruchten af te rijpen. Je merkt aan de stengel of een pompoen rijp is: wanneer er strepen te zien zijn, kan je hem oogsten.

Een zijscheut maakte een mooie vrucht op ons plantenklimrek.

Hoe kleiner je oogst, hoe meer smaak. Deze zullen dus vooral in de soep en Indische (lees: lekker gekruide) curry’s belanden. Mij hoor je niet klagen.

Als je bij het oogsten de steel eraan laat, kan je de pompoen in theorie ongeveer 4 maanden bewaren. In de praktijk zal deze oogst met moeite het einde van deze maand halen. Met het vriesweer in het vooruitzicht zal een pompoensoepje extra goed smaken…

Heb jij nog een late oogst gedaan of in het vooruitzicht?

Bewaren

Bewaren

Onze stadstuin in juli

Afgelopen zaterdag eindigde in onze streken het verbod op verspilling van drinkwater. Al bij al heeft onze tuin niet echt te lijden gehad onder het verbod. De vijg en blauwen regen hebben een paar dorre bladeren, maar voor onze moestuin was het niet echt een probleem. Misschien omdat we onze moestuinhoek genoeg beschermden met onze parasol tegen de zon?

De pompoen heeft zelfs een flinke groeispurt gedaan. Van de frambozen smullen we ondertussen al een paar weken en gisteren konden we onze eerste Japanse wijnbes van het jaar proeven, mmm.

Een paar impressies:

We zijn ze bijna beu, onze frambozen. Gelukkig eten de merels mee.

Detail uit onze pottentuin: vogeltje tussen tijm en munt.

Onze aardbeimunt staat in bloei, net als onze paarse basilicum. De bijtjes (en een occasionele vlieg) zijn er blij mee.

Onze pompoen is aan een ontsnappingspoging bezig.

Een prikkelig plantje, maar oh zo lekker.

De oogst vandaag: frambozen en Japanse wijnbes

Zelfs de petunia, toch een plant die niet van droge voeten houdt, is er weer helemaal bovenop.

Ik zit trouwens sinds kort op Instagram. Een mens moet mee met zijn tijd en zo. Vertel, wie is tuiniergewijs de moeite om te volgen? Zelfpromotie is uiteraard toegestaan.

Onze stadstuin in april

Het is al een hele tijd geleden dat ik jullie nog een blik gunde in onze stadstuin. Bij deze!

Het meest genieten we op dit moment van onze blauwe regen. Nog nooit had onze klimplant zo veel bloemen. De geur alleen al vind ik heerlijk.

De geranium staat weer prachtig en lokt heel wat hommels en bijtjes.

De hosta’s hebben de slakken min of meer overleefd en ook de campanula kleurt de tuin frisgroen. De eerste meiklokjes laten hun schattige witte bloemen zien.

Daarentegen hebben de blauwe druifjes hun beste periode achter de rug. Het is fijn dat deze plant de tuin zo mooi blauw kleurt in het vroege voorjaar en de bijen ervan kunnen eten wanneer er verder nog weinig nectar te vinden is. Van de andere kant weet ik niet goed wat doen na de bloeiperiode, wanneer de planten er wat mistroostig bij staan. Iemand een tip?

In onze moestuinbak staan voorlopig twee kleine plantjes: een bloemkool en een broccoli. De slakken zijn ook hier gepasseerd, maar de schade valt al bij al nog mee. Verder probeer ik de moed bij elkaar te rapen om er dit seizoen nog iets van te maken, want de moestuinbak is nu vooral een kattenbak. Niet zo motiverend…

Wordt vervolgd…

Bewaren